GAMBIA
Geografisch
Gambia is het kleinste land op het
Afrikaanse vasteland: 11.295 vierkante kilometer. Van oost naar west is het 320 km lang. Van noord naar zuid slechts 20 tot 50 km. Het land bestaat eigenlijk uit de twee oevers van de rivier de Gambia en wordt volledig omsloten door Senegal. Er wonen 1.688.359 inwoners (2007)
De hoofdstad is Banjul, de grootste stad Serrekunda.
Geschiedenis
Gambia maakte ooit deel uit van het Ghanese Rijk. De Arabieren haalden slaven, goud, en ivoor uit het gebied via een handelsroute door de Sahara. In de 15e eeuw namen de Portugezen deze handel over via de zee. Gambia maakte toen deel uit van het Koninkrijk Mali.
In 1588 verkocht de Portugese troonpretendent Antonio Prior Do Crato de exclusieve handelsrechten op de Gambia-rivier aan de Engelsen. Koning Jacobus I van Engeland gaf in 1618 handelsrechten in Gambia en Goudkust aan een Brits bedrijf.
Aan het eind van de 17e eeuw en gedurende de 18e eeuw streden Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk om de macht in Senegal en Gambia. Bij de Vrede van Versailles van 1783 ging het gebied naar het Verenigd Koninkrijk. Gambia werd een Britse Kroonkolonie.
In 1962 werden algemene verkiezingen gehouden. Gambia kreeg zelfbestuur in 1963 en werd op 18 februari 1965 onafhankelijk. Het bleef lid van het Britse Commonwealth.
Gambia werd in 1970 een republiek geleid door president Sir Dawda Kairaba Jawara, die vijfmaal werd herkozen. Senegal en Gambia vormden in 1982 de confederatie Senegambia, gericht op het samensmelten van beide legers, de economie, en de munteenheid. In 1989 stapte Gambia uit de confederatie.
In juli 1994 werd de democratisch gekozen regering van Dawda Kairaba Jawara afgezet. Er kwam een voorlopig militair bewind onder leiding van luitenant Yahya Jammeh. Yahya Jammeh, intussen kolonel, werd op 6 november 1996 ingezworen als president en dat is hij nog steeds.
Economie
Gambia heeft geen mineralen of ander natuurlijke rijkdommen. Vijfenzeventig procent van de bevolking leeft van landbouw en veeteelt. Daarnaast is er wat kleine industrie - hoofdzakelijk het verwerken van pinda's, vis en huiden. Het toerisme neemt snel in belang toe.
Het bruto Nationaal Product bedraagt slechts 2,6 miljard Amerikaanse dollar. De werkloosheid is zeer hoog. Gambia is één van de armste West-Afrikaanse landen.
De munteenheid is de dalasi maar je kan er beter in euro betalen.
|